Sinds een aantal maanden heb ik in mijn vaste relatie met J wat meer seksuele vrijheid om ook met anderen te experimenteren. Dat vind ik een fijn gevoel, en bovendien ben ik heel gelukkig met het vertrouwen dat ik daarin krijg. Maar in de praktijk is er nog niet veel gebeurd. Niet dat ik geen zin heb. De zin druipt er letterlijk en figuurlijk van af. (Haha. Sorry.) Ik word natuurlijk nog steeds beperkt door mijn chronische ziekte en door de depressieve klachten die daarbij komen op lastige dagen. Maar ik merk dat er nog iets is dat me beperkt: angst.
Ik had het er onlangs met mijn vriendin H over. We zaten samen gezellig te ontbijten bij Life Bar, de sfeer was heel fijn en vertrouwelijk. H vroeg me waar ik dan precies bang voor was. En dat vind ik een goeie vraag. Eerlijk gezegd: de angst is groot, maar irrationeel. Want ik heb in mijn leven al zo veel watertjes doorgezwommen. Wat kan er bij de zoektocht naar losse seksuele partners nu zo erg zijn dat ik het ook niet zou kunnen overleven?
Ten eerste is het hele gegeven van casual seks voor mij natuurlijk heel erg nieuw. En deze periode van mijn leven zit al propvol nieuwe ervaringen die ik moet verwerken, zoals de start van mijn eerste betaalde aanstelling na vele jaren ziekte en een hele lijst nieuwe gewoontes na een leven vol zelfdestructieve veeleisendheid en ongezonde patronen. Misschien mag ik op dat vlak ook wel mild zijn voor mezelf: de meeste nieuwe dingen zijn een beetje eng. Ik heb nog maar één seksuele partner gehad, iemand die ik door en door ken én vertrouw. Seks met een vreemde of zelfs een friend with benefits is niet vertrouwd en op veel vlakken compleet onvoorspelbaar. Dat maakt me angstig, maar dat is tegelijk ook het opwindende eraan. Dat is waarom ik het wou. Het is nieuw en spannend.
Ten tweede ben ik volgens mij te hard aan het focussen op de mogelijke negatieve uitkomsten. Ik denk aan de mogelijke afwijzing, de mogelijke zenuwachtige en klunzige seks, de mogelijkheid dat het niet eens lukt, en de mogelijkheid dat een sekspartner achteraf belachelijke details deelt. Maar nu ik dat hier zo neerschrijf: daar kan ik toch allemaal mee dealen? Ik vind het fijn om zulke gedachten eens te expliciteren en stap voor stap te weerleggen om mezelf gerust te stellen:
- Afgewezen worden (1): ik denk dat ik de kans op afwijzing veel groter maak dan hij is. Ik ben 28, jong, fris, slank, blond, vrolijk en enthousiast. Eerlijk gezegd: denk ik nu echt dat een leger van mannen en vrouwen mij zou afwijzen? Veel mensen willen graag meer seks, veel mensen zijn zelfs seksueel gefrustreerd, en veel mensen zouden blij zijn met iemand die zich zomaar enthousiast aanbiedt voor een potje plezier! Als ik het van die kant bekijk, voel ik me veel moediger.
- Afgewezen worden (2): en als de persoon aan wie ik het vraag mij dan toch afwijst, zal dat toch in alle waarschijnlijkheid niet zijn met een gevoel van ‘jakkes, wat vraagt dat afstotelijk wijf hier nu’. Als iemand al een relatie heeft, net iemand anders op het oog heeft, liever seks heeft met mensen van het andere geslacht, aseksueel is, of om welke andere reden dan ook niet op zoek is naar seks met mij; dan zal die toch niet walgen van mijn vriendelijke en respectvolle vraag om seks? De kans is groter dat die persoon zich gevleid voelt, en dat zijn of haar dag gemaakt is, want zij of hij ligt blijkbaar goed in de markt!
- Knullige of nerveuze seks: oké, zou niet iedereen een beetje nerveus zijn bij de eerste keer seks met iemand anders? Waarschijnlijk zullen we met twee nerveus zijn. Waarschijnlijk is de ander even hard bezorgd om haar of zijn zenuwen dan ik. En als die ander dan echt zo ervaren en zelfverzekerd is, dan helpt die er mij wel door, met al die zelfzekerheid. En een extreem ervaren persoon zal ook wel al ervaring hebben met zenuwachtige partners geruststellen, niet?
- Commentaar achteraf over mijn seksstijl: het zou wel eens kunnen dat een nieuwe sekspartner zijn of haar bedenkingen heeft bij mijn seksstijl. Wat doet ze dit snel, hard, zacht, anders dan ik gewoon ben… Maar de kans is heel groot dat ik dat ook denk van de ander waarmee ik seks heb. Die gedachten horen erbij. Ik weet niet of die persoon dat achteraf dan per se ook allemaal de wijde wereld in ventileert, want uiteindelijk zijn veel mensen extreem ongemakkelijk met gesprekken over seks en gaan maar héél weinig mensen in detail over wat ze allemaal uitgespookt hebben in bed (of de keuken, of de living, you get it). En zelfs als mijn sekspartner zijn vriendengroep uitgebreid zou inlichten over mijn seksstijl: zo raar zal die wel niet zijn zeker? Het is seks, hoeveel manieren zijn er om dat aan te pakken?
- Commentaar achteraf over mijn lichaam: ik weet niet of ik dat juist inschat, maar sekspartners die ook eind de twintig zijn, zullen wel al een paar lichamen gezien hebben in hun leven. Ik hoop dat zij of hij al rollen, vlekken, haren en striemen heeft gezien. Zo vreemd zie ik er nu ook weer niet uit, ik ben gewoon een mens. En als ik even heel eerlijk mag zijn met mezelf: ik ben een jong en behoorlijk strak mens. Ik denk dat ik wel mag concluderen dat mensen die venijnige commentaren geven op het lichaam van hun sekspartners echte assholes zijn. Daar doen we het geen tweede keer mee.
Oké, die angst hebben we eventjes goed gedeconstrueerd en ontkracht. En ja, er kan vanalles mislopen, maar er kan ook zo veel goed gaan! Dat is misschien nog fijner om te bedenken:
- Meteen een enthousiaste ‘ja!’ krijgen.
- Hele spannende, interessante, spectaculaire, heerlijke seks. Genieten!
- Positieve commentaar op mijn seksstijl: hoe leuk het was, hoe enthousiast ik was. Want ik moet daar eerlijk in zijn, ik ben een behoorlijk enthousiaste persoon in de meeste dingen die ik doe. Ik denk dat ik sneller van overenthousiasme dan van passiviteit zou beschuldigd worden.
- Positieve commentaar op mijn lichaam: want waarom zou mijn sekspartner niet evengoed kunnen zeggen hoe mooi zij of hij bepaalde dingen vindt?
- En alle dingen die me bang maken kan ik evengoed zien als spannende, nieuwe belevenissen. Verhalen in de maak. Iemand aanspreken, flirten, de spannende vraag stellen: hoe cool is het niet om dat te kunnen beleven? Ik zou er een boek over kunnen schrijven, een film van kunnen maken. Want dit is gewoon echt spannend en nieuw en avontuurlijk, en vooral heel menselijk. Ik zou kunnen genieten van het proces en de gevoelens die het me geeft.
Voilà, het doet mij altijd deugd om mijn emotie eens helemaal te deconstrueren. Wat voel ik precies? Hoe zou ik dat benoemen? Welke gedachtes zitten erachter? Wat zeggen die gedachtes over mij? En hoe zou ik mezelf beter kunnen voelen? Als ik de tijd en ruimte maak om dat proces te doorlopen en mijn bezorgdheden te erkennen, voel ik me sowieso al veel beter. Want ik mag gewoon voelen wat ik voel, ik hoef mijn angst niet te minimaliseren of weg te drukken. Als je iets voelt, is dat gewoon zo. En het is nog fijner om mijn eigen gedachten te kunnen counteren met een positiever deel van mezelf. Want dat zit er ook. Soms krijgt dat positieve stuk misschien even niet de ruimte en de aandacht die het nodig heeft om te stralen, maar het zit er wel, dat positieve deel. En ik wil het vieren. Yay!



