Note to self 11

Note to self 11

Je mag leuke dingen doen. En je mag leuke dingen doen die geld kosten. Het is even wennen, maar nu je weer aan het werk bent, kan je het je veroorloven om te betalen voor heel veel leuke dingen.

Doe maar! Ga lekker iets drinken, neem gerust twee of drie drankjes. Neem het duurste drankje van de kaart en geniet ervan. Ga iets eten en bestel het duurste gerecht. Met twee of drie extra drankjes. Bestel zelfs maar een paar hapjes op voorhand.

Doe maar! Boek eens een pedicure, om te weten hoe dat is. Trakteer jezelf zomaar eens op een massage, want je zal het einde van de maand echt wel halen. Ga maar naar de kapper, ook al is het nog geen half jaar geleden. Want je mag je even heel gelukkig voelen.

Doe maar! Koop maar eens twee beha’s, ook al heb je er maar één nodig. Geniet ervan hoe mooi ze zijn en hoe goed ze voelen, want je bent financieel veilig. En je moet niet kiezen tussen die drie bijpassende onderbroekjes. Als je er gelukkig van wordt, mag je ze alle drie met volle overtuiging kopen.

Ik weet dat je bang bent. Ik weet dat je medische en psychische zorgen nodig hebt. Echt nodig. Ik weet dat je daardoor altijd financieel op je hoede wil blijven, om zeker niet in een gat te moeten vallen. Maar nu je betaald werkt, heb je gewoon elke maand een stukje méér. Dus doe maar!

Geluk is niet te koop, zeggen ze. Maar eigenlijk is dat het toch wel een beetje. Gekochte geluksmomenten zijn niet minder gelukkig dan gratis geluksmomenten.

Je verdient alle geluk die je maar kan krijgen. Want je bent het zo gewoon te ploeteren, keihard te werken en te zwoegen om overeind te blijven, dat je het soms vergeet dat ook jij het waard bent om gelukkig te zijn. Je hebt evenveel recht om je gelukkig te voelen als alle anderen. Ook al heb jij daar een harder zetje voor nodig. Ook al moet je daar soms wat voor uitgeven.

Ik ben goed genoeg

Ik ben goed genoeg

Mei 2020 was mentaal de moeilijkste maand in een hele lange tijd voor mij. Op mijn mood tracker app zie ik maar drie goeie dagen deze maand, en ik herinner me dan nog dat ik twijfelde of ze wel echt goed waren, toen ik ze invoerde.

Ik zat gewoon heel, heel diep in mijn eigen gedachten en emoties, en die kunnen overweldigend zijn. Er waren ook nieuwe lichamelijke klachten, zoals kortademigheid, die veel piekergedachten in gang zetten. En er was een week van quarantaine na een mogelijk coronabesmetting. Ook niet zo licht. Gelukkig was de test negatief.

Maar gisteren zag ik mijn vriend en collega L. Zoals wel vaker gebeurde deze maand, twijfelde ik of ik wel zou gaan. Als ik me zo slecht voel, weet ik niet of ik een afspraak met vrienden wel aankan. Maar uiteindelijk doet het me meestal deugd, zelfs als het een wandeling op afstand is.

Over L heb ik al veel dubbele gevoelens gehad, maar ik ben blij dat ik het contact nog niet opgegeven heb. We hebben al een paar ongemakkelijke gesprekken gehad, waarbij ik duidelijk mijn grenzen stelde en hem probeerde te doen begrijpen waarom sommige dingen die hij om te lachen zegt, wel echt kwetsen. Dat was nieuw voor mij en ik vond dat moeilijk, maar hij heeft mijn vertrouwen niet beschaamd en probeert duidelijk rekening te houden met die grenzen.

L en ik gingen gisteren een kort rondje wandelen bij de Abdij van Park en zonder dat hij het zelf goed besefte, haalde hij me helemaal uit de diepte. De uren voor onze afspraak had ik me zo down en verloren gevoeld. Moedeloos, omdat ik niet meer wist wanneer ik me wél nog eens goed zou voelen, en ook moe van al de energie die ik in zelfzorg stak, die niets leek op te leveren. Maar de uren na ons gesprek voelde ik me weer licht en verwonderd dat het zo gemakkelijk kon zijn om te leven.

Wat hij vooral deed, was goed luisteren. Oprecht geïnteresseerde vragen stellen en gewoon luisteren, tot ik uitgepraat was. Zonder daar meteen eigen ervaringen of adviezen tegenaan te gooien. Dat is zo krachtig. Ik voelde me gehoord en gezien. Ik voelde me serieus genomen. Ik besef nu dat ik me niet zo vaak gehoord of gezien heb gevoeld de laatste tijd en dat ik dat wel nodig had.

Hij gaf me ook zijn perspectief op mijn twijfels en ook dat deed deugd. Ik vertelde hem dat ik me misbaar voelde. Ik werk drie halve dagen per week en dat geeft me vooral in deze gedeconnecteerde tijd het gevoel dat mijn werk er niet echt toe doet. Maar L vertelde me dat hij al mijn output leest. Dat mijn werk een stuk output is dat zonder mij gewoon niet gedaan zou worden. De aard van mijn werk is zo dat ik er niet onmiddellijk resultaat van zie, maar het is er wel.

En L vertelde me vooral dat mijn ervaring waarschijnlijk behoorlijk universeel is in deze tijden van afzondering, thuiswerk en tijdelijke werkloosheid. Want die massa’s mensen die een job deden waarvan ze dachten dat hij zinvol was, en die nu plots al twee maanden tijdelijk werkloos zijn: die moeten zich ook opeens heel misbaar voelen. Want zonder dat zij werken, blijft de wereld blijkbaar toch gewoon draaien.

Op de een of andere manier geeft dat me moed: dat mijn ervaring veel menselijker is dan ik dacht, en dat ik niet alleen ben. Want ik heb me regelmatig eenzaam gevoeld de voorbije maanden. Niet omdat ik fysiek alleen was, maar omdat ik me alleen met mijn struggle voelde. Voor een groot stuk onbegrepen, en ongeholpen, want het was moeilijk om de juiste medische en psychische zorg te krijgen. Het geeft me moed om me daar niet meer alleen in te voelen. Om te beseffen dat ik door iets heel menselijks ga. En dat heel veel mensen vóór mij zich daar ook al door hebben kunnen slaan.

L gaf me ook een boost op een ander vlak. Want ik voel me regelmatig gefrustreerd dat ik niet genoeg werk zou verzetten. Ik heb de gedachte dat mijn output niet groot genoeg zou zijn, terwijl ik echt wel hard en toegewijd werk. Een hele strenge gedachte eigenlijk. Maar L vond mijn output best wel groot, en regelmatig, en kwalitatief. Dat deed heel veel deugd om te horen.

Eigenlijk zijn veel mensen heel streng voor zichzelf. En veel mensen zijn ook een beetje angstig om een oprechte positieve gedachte over iemand anders uit te spreken, merk ik. Complimenten geven kan eng en kwetsbaar zijn. Soms zijn we zelfs bang om over te komen als gladjes. Maar door die feedback van L te krijgen, besef ik weer dat ik meer positiviteit wil blijven verspreiden. We kunnen het allemaal gebruiken.

*

Recap voor mezelf, om te herlezen:

  • Mijn gevoel van eenzaamheid en misbaarheid is misschien universeler dan ik denk. Ik ben niet alleen. Dit zijn gewoon hele moeilijke tijden, zelfs als je het op verschillende andere vlakken goed hebt.
  • Afspreken met mensen doet deugd als je je depressief voelt. Ga er gewoon maar op je gemak naartoe.
  • Mijn professionele output wordt geapprecieerd. Anderen lezen mijn werk. Ze vinden mijn werk aangenaam om te lezen, nauwgezet, en zeker goed genoeg.
  • Ik ben goed genoeg. Ik ben gewoon maar een mens. Ik mag er zijn en mijn struggles mogen er zijn. Het hele pakket mag er gewoon zijn. Ik ben fucking goed genoeg.
Over de donkere mist in mijn huis, en heel kwaad en intens verdrietig zijn

Over de donkere mist in mijn huis, en heel kwaad en intens verdrietig zijn

Deze avond voel ik me intens miserabel. Hartverscheurend verdrietig. En ook kwaad, echt kwaad. Ik zou graag het servies in een miljoen stukken kapot gooien, de kussens in flarden rijten met mijn blote handen. Het is echt intens.

Sinds een aantal maanden is J met periodes heel apathisch, compleet onverschillig en volledig willoos. Het lijkt dan alsof hij mij niet meer ziet, de wereld niet meer ziet, en het plezier niet meer ziet. Hij leeft achter een glazen muur en reageert op mij door compleet toe te klappen. Zijn standaard antwoord is ‘weet ik niet’. Hij gaat nog wel naar zijn werk, maar kan de energie niet meer opbrengen om naar alle lessen te gaan van de studie die hij daarnaast volgt. Vroeger had hij te veel ideeën om in een leven te kunnen neerschrijven, maar nu blijven zijn creatieve opdrachten liggen, want hij heeft geen inspiratie. Het lukt hem niet meer om te gaan sporten. Seks wijst hij bijna altijd af, en als we seks hebben, komt hij futloos en ongepassioneerd over.

Voor een depressieveteraan als ik was het snel duidelijk dat J een ellenlange lijst symptomen van depressie heeft. Hoewel het belangrijk is het stellen van diagnoses aan een professional over te laten, zou ik zelf zeggen dat hij afglijdt in een echte depressie. Met af en toe goeie dagen, goeie weken soms. Maar dat had ik tijdens mijn depressies ook. Daarna wordt het weer even somber.

Ik voel mij een beetje schuldig om dit te zeggen, want depressief zijn is natuurlijk eerst en vooral erg voor de depressieve zelf, maar dit weegt af en toe op mij alsof er een olifant op mijn schouders rust. De laatste weken is het me weer eens duidelijk geworden wat hooggevoelig zijn kan inhouden: intens en automatisch aanvoelen wat de ander voelt. De sfeer als een spons in je opnemen. De depressieve gedachten en gevoelens als een dikke mist in het huis voelen hangen. Ik kan er niets aan doen: ik voel zijn somberheid en het vreet ook van mijn energie.

Maar daarbovenop ben ik regelmatig heel kwaad. Ik vind depressief zijn of gewoonweg negatieve emoties ervaren helemaal oké. Dat hoort bij een rijk mensenleven. Positieve emoties kan je niet ervaren als er daarnaast geen plaats is voor de negatieve emoties. Maar waar ik blijkbaar echt niet tegen kan, is het ontkennen van emoties, er geen plaats voor maken, en ze niet erkennen. J zegt soms dat hij oké is, dat het allemaal normaal is, dat een gebrek aan energie en lust en ideeën hoort bij het ouder worden (hij is 28!) en dat alles wel snel weer overwaait.

Nee, fokking nee! Als hij dat zegt, word ik zo kwaad. Ik wil gewoon dat mijn partner, die vroeger altijd bovenmenselijk veel bereikte in een dag en de emotionele stabiliteit van een zenmeester had, toegeeft dat hij een probleem heeft. Ik wil dat hij zijn probleem wilt oplossen. Ik wil dat hij mij betrekt, mij vertelt wat er scheelt, mij vraagt om hem te helpen, en mij zegt wat hij nodig heeft. Ik wil zijn donkere cocon openbreken en hem dwingen de hulp te zoeken die hij nodig heeft en verdient.

Achter die kwaadheid van mij zit een groot verdriet. Want ik kan natuurlijk niet kiezen wat J voelt, zegt of doet. Ik kan hem niet dwingen te erkennen dat hij depressief is. Ik kan hem niet dwingen hulp te vragen. En ik kan hem niet dwingen mij in vertrouwen te nemen. Ik voel me vooral heel erg machteloos. Ik ben zo’n helper, zo’n zorger, die nu niet kan helpen of zorgen. Ik kan alleen machteloos toekijken, tegen J praten en geen antwoord krijgen, enthousiaste anekdotes vertellen en ze op hem zien afkaatsen.

En heel af en toe, dan kan ik door de donkere mist breken en hem doen opleven. Dan krijg ik hoop, denk ik dat alles weer goedkomt, dan voel ik onze unieke band in elke cel van mijn lijf, maar daarna klapt alles opnieuw dicht en vraag ik me weer af wat ik in dit huis met deze persoon doe.

Dus ik denk dat ik extra hard voor mezelf moet zorgen nu. Eens goed uitvogelen wat ik zelf nodig heb. Mijn grenzen bewaken. Leuke dingen doen met leuke mensen. Opletten dat ik niet constant in zorgmodus schiet. Gewoon mezelf bemoederen. Mijn hooggevoeligheid kan ik niet afschakelen, dus ik zal moeten accepteren dat de komende periode er één is van veel verwerking van intense emoties. Maar dat is oké. Ik hoop dat dit een periode wordt van meer inzicht. Als problemen inderdaad je grootste leermeesters zijn, dan ga ik nu naar de universiteit.

Onderzoek (3)

Onderzoek (3)

Dit onderzoek schreef ik in de zomer en wil ik nu met jullie delen.

[Ik ga in gesprek met Hermelien]

Ik ben verdorie WEL GOED GENOEG. Ik doe KEIHARD mijn best. Ik ben gemotiveerd, gefocust, bewust, en fucking hard bezig met wat ik wil bereiken en hoe ik daar kan komen, ondanks mijn beperkingen.

[Ik ben echt kwaad, goed zo.]

En zelfs dat moet niet. Ik moet niet eens altijd zo keihard mijn best doen. Ik moet geen toonbeeld zijn van ‘kijk eens hoe HARD die werkt, daar gaan we een film van maken’. Ik moet niet het onderste uit de kan halen, al mijn fysieke en mentale energie gebruiken om er te komen (wáár te komen dan??), ik moet NIETS.

Ik heb mezelf meer dan twintig jaar kapot ‘mijn best gedaan’. Nu is het genoeg.

Nu is het tijd voor mezelf, tijd voor geluk.

Want ik ben niet meer afhankelijk van mijn familie of mijn leraars voor mijn welzijn en mijn overleven. Ik heb mezelf. Ik heb vrienden, die ik zelf kan kiezen. En ik heb J.

En wat ik nu wil bereiken, is geen goedkeuring en lof meer, maar geluk en voldoening. Gezellige, memorabele momenten. Een gezond lijf. De longen uit mijn lijf lachen. Iets betekenisvol bijdragen aan de wereld.

Mezelf uitputten, dat moet niet meer, dat is voorbij.

Hermelien heeft zo, zo hard gewerkt. Nu mag ze rusten. Dat is niet gemakkelijk, zeker niet voor haar. Ik weet het. Ze komt vast nog wel een aantal keren uit haar hol geschoten. Maar dan ga ik weer in gesprek en ontdek ik weer: dit is niet meer de strategie voor mij.

Onderzoek (2)

Onderzoek (2)

Dit onderzoek schreef ik in de zomer en wil ik nu met jullie delen.

[Ik geef het deeltje van mezelf dat zegt dat zegt dat mijn leven niet veel voorstelt en dat ik niet hard genoeg mijn best doe, een naam]

Ik noem ze mijn Hermelien. Het oude deel van mezelf, dat mij vroeger doorheen het moeras heeft gesleurd, me heeft gered en me zo goed mogelijk heeft doen opgroeien. Het oude deel van mezelf, dat nu niet meer nodig is, maar heel actief blijft, omdat ze het goed bedoelt. Het oude deel van mezelf, dat nu op pensioen mag en plaats zou mogen maken voor meer kwetsbaarheid en authenticiteit.

[Ik erken Hermelien en waar ze vandaan komt]

Hermelien was mijn copingmechanisme als kind. Zo hard mogelijk werken was altijd de oplossing. Zo kreeg ik erkenning. Alleen zo kreeg ik positieve aandacht. Hermelien is gegroeid vanuit noodzaak. Dankzij Hermelien kon ik soms gelukkig zijn. Dus: mijn Hermelien is niet alleen maar vervelend en slecht.

Onderzoek (1)

Onderzoek (1)

Dit onderzoek schreef ik in de zomer en wil ik nu met jullie delen.

Hier komt mijn stream of consciousness.

*

[Ik benoem mijn gevoel zo concreet mogelijk.]

Ik voel me onrustig en neerslachtig. Dat voel ik in mijn lichaam, dat niet stil kan zitten of tot rust kan komen, maar tegelijk heel zwaar is. Mijn hoofd is zwaar en het is moeilijk heldere, stabiele gedachten te houden. Mijn hart lijkt pijnlijk compact.

Even verder onderzoeken.

[Ik benoem mijn gedachten zo concreet mogelijk.]

Wat zijn mijn gedachten? Ik heb de gedachte dat mijn leven niet veel voorstelt. De gedachte dat ik niet gedaan kan krijgen wat ik zou willen, maar dat anderen dat wel kunnen. En ik ben nochtans zo gemotiveerd. Ik zit bovengemiddeld vol met plannen, dromen en doelen.

Oké. Ik heb dus de gedachte dat mijn leven niet veel voorstelt in vergelijking met dat van anderen. Een jaloerse gedachte ook een beetje. Misschien getriggerd door mijn nieuwe werkomgeving, die voor mij best wel zwaar is. Niet tussen de andere vrijwilligers met een hoek af, maar tussen de ‘echte’ werknemers die voltijds werken én een gezinsleven hebben én vrienden én hobby’s. En ik werk ‘maar’ 11 uur per week en voor mij is dat al fokking zwaar, ik hou maar net het hoofd boven water.

Ook L is duidelijk een trigger. Zo’n fijne persoon heb ik al jaren niet meer ontmoet, iemand waar ik me zó goed bij voel. Met een indrukwekkende culturele bagage (zo leuk om mee te praten), met een voltijdse job, een druk sociaal én familieleven, een eigen leesclub (waaaat) en een jonge, verse relatie met veel seks. Hij geeft me een heel dubbel gevoel. Maar dat is misschien iets om op een andere keer beter uit te zoeken – een zijspoor, denk ik.

[Ik onderzoek de betekenis van mijn gedachten.]

Want: wat betekent dat voor mij, die gedachte dat mijn leven niet veel voorstelt? Kan ik dieper graven? Als mijn leven niet veel voorstelt, dan…

  • zal ik op het einde van mijn leven ongelukkig zijn omdat ik zo weinig bereikt heb.
  • zullen mensen van mij denken dat ik mijn best niet doe, dat ik lui ben, dat ik niet hard genoeg probeer, dat ik profiteer, dat ik x en y had moeten doen… Mensen zullen over mij roddelen, ik zal achter de ruggen om de pispaal zijn.

HOLY. SHIT.

Nu komen we hier weer uit. Ik ben echt, oprecht geschokt – kippenvel en tranen. Dit weer. DIT weer. ALTIJD DIT. Altijd weer dat ‘niet hard genoeg proberen’.

Note to self 5

Note to self 5

Je bent gevoelig aan depressie. Dat is gewoon een onderdeel van je mooie, volledige, menselijke zelf. Jij prachtig wezen.

Je angstig voelen is een typisch deeltje van die depressieve gevoelens. Want de depressie belicht graag de negatieve zaadjes diep in jezelf. Ook al waren ze maar zo klein, die depressie doet ze tijdelijk groot lijken.

Maar die angst is maar een gevoel. Ook dit gaat weer over. Misschien straks al.

Je bent niet alleen. Mensen houden van je. Je mag fouten maken en dan nog zullen er mensen van je houden. Je mag angstig, kwaad en onzeker zijn en dan nog zullen er mensen van je houden. Je levensverhaal is mooi, want wat is nu eigenlijk een verhaal waarin alles zomaar vanzelf gaat? Je doet het zo, zo goed.

Je bent sterk. Je bent slim. Dit kan je aan. Het wordt weer beter.

Go girl!

Note to self 4

Note to self 4

To me, if I ever end up there again, and to anyone else, who’s ever been there, or are right now, in the black hole:

It will get better. There is a meaning to what you’re going through.

You will feel like living again.

If you can’t do anything else but breathe, do just that; you don’t have to do anything else.

Don’t fight it. Let it be. It is as it should be and it’s okay. Just be. Don’t judge. Let go.

Look at what’s beautiful. Listen to what gives you peace. Eat what tastes good. Do what feels nice. Even if it feels pointless right now, it’s good for your soul.

Ask for help.

Let other people help you. Let other people take care of you.

Cry. Scream. Wail. Laugh. Sleep. Close your eyes. Do whatever you need to do. Let it out. And embrace.

It will get better. I promise.

Deze tekst van Helena Önneby helpt me tijdens de allermoeilijkste momenten. Ze schreef ook een goeie First Aid Kit for When Life Falls Apart.

Het zijn maar gedachten

Het zijn maar gedachten

“En die depressie? Niet te veel zorgen over maken.”

Het is maar een gedachte. De depressie zoekt het negatieve en vergroot dat uit. Dat is normaal.

Dus ja, die depressieve gedachten en gevoelens zijn er nu eventjes. Maar ze gaan ook weer weg. Alles komt weer goed. Alles wordt weer makkelijker.

Want ik ben sterk. Ik ben mild. Ik ben de beste ik die ik maar kan zijn.

Licht

Licht

G en ik zijn alleen in ons stukje kantoortuin. Alle andere collega’s zitten in meetings of zijn op vakantie.

We praten wat en hebben het over het teamappreciatiestation dat ik op de kast heb geïnstalleerd. Negen envelopjes met de namen van alle teamleden erop, voor wie graag wat appreciatie kwijt wil op een briefje aan een andere collega.

En dan komt daar plots dat compliment.

‘Ge zijt een lichte. Op alle vlakken. Niet licht dat je niet zwaar doorweegt of weinig betekent, dat niet. Letterlijk licht van kleur, maar ook licht van humeur, van sfeer. Licht en jong, vrolijk en licht.’

Wat een prachtige omschrijving, wat prachtig dat iemand zoiets uitdrukt. Ik adem het compliment in en voel dat het mij oppept tot in mijn vingertoppen. Mijn ruggengraat tintelt en ik voel me ook echt licht worden.

*

Licht zijn, licht leven, licht denken: dat probeer ik ook echt te doen. De meeste zorgen zijn je zwaarmoedigheid niet waard. Over vijf jaar stellen ze niet veel meer voor.

En meestal lukt het me ook om licht te kijken en te zien hoe relatief alles is: zelfs chronisch ziek zijn is toch maar een klein detail in de hele geschiedenis van deze aardkloot in dit gigantische heelal. We doen gewoon allemaal wat we kunnen, prutsen ons een weg door het leven, en dan kan alles maar beter licht dan zwaar zijn.

Maar toen ik vanmorgen op kantoor aankwam, voelde ik me zwaar. Het deeltje binnen in mij dat mijn lichtheid uitdaagt en blijft uitdagen is al een aantal weken flink aan het roepen en schreeuwen om aandacht.

Maar vandaag niet meer, nee, vandaag niet meer. Vandaag ben ik weer licht.

Stiekeme gluiperd

Stiekeme gluiperd

Ik voel hem weer binnensluipen, de depressie. Wat een kutgevoel.

Net nu ik meer wou werken. Net nu ik mijn motivatie wou tonen. Net nu ik T. zou ontmoeten. Net nu ik nieuwe, spannende ervaringen in het vooruitzicht heb. Nu, net nu, krijg ik het allemaal niet meer voor elkaar.

Ik ben kwaad. Op alle mensen met een lijf dat normaal functioneert, zonder dat ze daar keihard voor moeten werken, zonder trekken en sleuren, zonder een loeistrakke zelfzorgroutine. Gewoon, zomaar, in de schoot geworpen.

Ik ben kwaad op alle mensen met veelbetekenende diepe vriendschapsbanden, soms al levenslang, die verwonderd opkijken als ze horen van mensen die dat blijkbaar nog niet hun hele leven hebben kunnen ervaren. Zielepoot, doen jouw vrienden dat niet voor jou dan?

Ik ben kwaad op alle mensen die een veilige, gelukkige jeugd achter de rug hebben. Die nog steeds een sterke band voelen met hun familie en altijd met plezier terug op bezoek kunnen gaan naar dat warme nest. En die dan denken dat dat de standaard is.

Ik ben kwaad op alle mensen die kunnen werken, alle mensen die kunnen feesten, alle mensen die kunnen sporten, alle mensen die kunnen reizen, alle mensen die kunnen dansen, alle mensen die kunnen plannen.

Maar vooral – denk ik – ben ik verdrietig.

Tweede Hulp Bij Depressie

Tweede Hulp Bij Depressie

Oké, badass fantastische supergirl. Je hebt alles voor je Eerste Hulp Bij Depressie gelezen. Je doet het goed. Vuistje! Yes.

Als je al die basisdingen goed doet, vraag je je wel eens af wat je dan nog moet doen. In een dipje is het zo moeilijk. Je hebt nergens zin in en je kan niet eens meer één iets bedenken dat je leuk zou vinden om te doen.

Maar je hebt het in je. Dat weet ik. Het kan sneller goed komen dan je zelf denkt. Deze dingen kunnen je mojo weer bovenhalen:

POSITIEVE AFFIRMATIES.

Luister naar een lieve stem die positieve affirmaties in je oor fluistert. ASMR kan nu echt een mooi hulpje zijn. Zoek naar ‘positive affirmations’ of ‘personal attention’. Het kan je deugd doen en dat verdien je.

Of schrijf een paar krachtige affirmaties op briefjes en hang ze tegen de spiegel en naast je bed. ’s Nachts, als je kwetsbaar bent en het hardst kan afzien, helpt een geheugensteuntje om te bedenken dat negatieve gedachten maar gedachten zijn. Ze helpen je niet, dus laat ze maar los, laat ze maar razen.

Emoties zijn magneten. Positieve woorden, positieve gedachten en positieve emoties trekken meer positiviteit aan. Zorg daarom steeds voor een beetje lokaas.

CREËER.

Maak iets. Geef vorm, schep. Gebruik wat in je zit en breng het naar buiten. Neem de tijd en de ruimte. Het moet niet mooi zijn, het kan gerust recht de papierbak weer in.

Die intense emoties, die kunnen ook een bron van schoonheid en ontroering zijn. Creëren helpt je om te zien dat alles een zilveren randje heeft. En het helpt je om je bijzondere, prachtige gevoeligheid te appreciëren in een materiële vorm.

BEZOEK TINY BUDDHA.

Tiny Buddha is een bron van troost, erkenning, mildheid en vooral het inzicht dat je niet alleen bent. Laat over je heen komen hoeveel anderen precies hetzelfde doormaken. In andere kamertjes, in andere landen. Je bent niet alleen. Je bent niet raar. Je bent niet verkeerd. Je bent gewoon een mens.

LIJSTJES.

Lijstjes zijn simpel, snel en ongecompliceerd. Maak een lijstje van 10 positieve woorden, 10 dingen waar je dankbaar voor bent, 10 dingen die je mooi vindt, 10 situaties die je deze week een goed gevoel gaven, de 10 mooiste complimenten die je ooit gekregen hebt, 10 dingen die jij goed kan, 10 prestaties waar je het trotst op bent, 10 films die je blij maken, de 10 leukste mensen die jij kent. Of verzien 10 dingen waarover je lijstjes kan maken.

Emoties zijn magneten. Zorg voor een beetje lokaas.

Eerste Hulp Bij Depressie

Eerste Hulp Bij Depressie

Als je wegglijdt in een depressieve periode is alles zo moeilijk. Vrolijkheid, binnenpretjes, optimisme, humor en innerlijke standvastigheid – weg. Die drijvende kracht, die de kern van je persoonlijkheid vormt – weg. Hoe kan dat? Waar ben ik gebleven? Komt het nog wel goed?

Ja, het komt goed.

Maar alles op zijn tijd, rustig aan. Nu is het moment om je basis goed te onderhouden. Daar beginnen we, kleine stapjes. Een goed begin is het halve werk.

Numero uno. BLIJF BUITENKOMEN.

Ga elke dag minstens één keer naar buiten. Uit het huis. De wereld zien, mensen zien. Je hoeft daar geen heldendaden te verzetten. Doe het lekker voor jezelf, want je verdient het.

Soms kan het angstaanjagend lijken om naar buiten te gaan. Hoe langer je wacht, hoe moeilijker het wordt. Maar doe gewoon de deur open en ga. Naar de bib, naar een toffe winkel, snuisteren bij Dille & Kamille, iets lekkers kopen, op bezoek bij een vriendin.

Als je buiten gaat, als je mensen ziet, verzamel je positieve ervaringen. Die kan je nu gebruiken. En je verdient ze.

Numero dos. BLIJF BEWEGEN.

Gewoon op je eigen niveau, je hoeft niets te pushen. Pushen werkt contraproductief.

Doe een rustige wandeling van een half uurtje. Of twee wandelingen van een kwartier. Of drie van tien minuten. En als het kan, trek dan je sportschoenen aan voor een korte workout. Neem zo veel pauzes als je zelf wil. En drink achteraf iets lekkers. Want je verdient het.

Numero tres. BLIJF GOED ETEN.

Regelmaat is heel belangrijk. Zeker als je depressie graag je regelmatige schema saboteert. Dus blijf op vaste momenten eten. Maar niet té vast en verkrampt, we zijn niet in het leger hé.

Blijf gezond en voedzaam eten, want je lichaam verdient dat. Maar een vettigheidje hier en daar mag ook, want je ziel verdient dat. Zorg er gewoon voor dat je doseert met chocolade en suikers, want suikerdips zijn niet zo leuk.

Dus. Buitenkomen. Bewegen. Goed eten.

En geef jezelf een schouderklopje. Je bent sterk, en wijs, en ervaren. Je kan het.